Amanogarnaal
Caridina multidentata

De Amanogarnaal is een relatief grote, actieve grazer die bekendstaat om het eten van aangroei in beplante aquaria. Caridina multidentata blijft een zelfstandig te verzorgen dier: een aquarium wordt niet automatisch gezond door er Amanogarnalen in te zetten. Volwassen dieren zijn meestal minder gemakkelijk door kleine vissen te pakken dan dwerggarnalen, maar ook zij hebben beschutting en passende medebewoners nodig. Hun voortplanting wijkt duidelijk af van die van de vuurgarnaal. Een vrouwtje met eieren betekent niet dat er vanzelf een nieuwe kolonie in zoet water ontstaat. Deze gids maakt daarom onderscheid tussen de verzorging van volwassen dieren en specialistische larvenkweek.
Aquarium samenstellen →In één oogopslag
- Temperatuur
- 20–26 °C
- pH
- 6,5–8,0
- GH
- 5–20 °dGH
- KH
- 3–12 °dKH
- Moeilijkheid
- Eenvoudig
- Dieet
- Alleseter
- Plantenveilig
- Ja
- Aquariumlengte
- Vanaf 60 cm
- Minimale aquariuminhoud
- Vanaf 54 L
- Volwassen formaat
- Ongeveer 5–6 cm
- Groepsgrootte
- Vanaf 5 dieren
- Zwemlaag
- Bodem
- Gedrag
- Vreedzaam, Kan voer opeisen
- Beschutting
- Geschikte planten, Hout
Getallen zijn voorzichtige verzorgingsrichtlijnen, geen volledige bezettingsberekening. Ontbrekende waarden zijn niet voldoende onderbouwd. Lees inrichting, water en combinatievoorwaarden samen.
Over deze soort
Het lichaam is doorschijnend grijs tot bruinachtig, met rijen donkere stippen of streepjes langs de zijkant. Vrouwtjes worden doorgaans groter, tot ongeveer vijf à zes centimeter; mannetjes blijven kleiner. De oude naam Caridina japonica komt nog vaak voor, maar de geaccepteerde naam is Caridina multidentata. Zijpatroon, bouw en herkomst zijn bruikbaarder voor identificatie dan alleen het woord algeneter. Kleine transparante garnalen uit een gemengde winkelbak zijn niet zonder meer jonge Amanogarnalen. Controleer de soort voordat je de verwachte grootte of kweekwijze overneemt.
Natuurlijke leefomgeving
De soort is bekend uit Oost-Aziatische waterlopen, onder andere in Japan. De levenscyclus verbindt zoetwatermilieus van de volwassen dieren met zouter water voor de larven. Dat betekent niet dat je het aquarium van volwassen Amanogarnalen routinematig moet verzouten. Praktisch zijn zuurstofrijk water, verschillende graasoppervlakken en een veilige inrichting belangrijk. Wortels, stenen en plantbladeren maken een afwisselend terrein. Behoud circulatie tussen die structuren, zodat voerresten niet in slecht bereikbare, zuurstofarme hoeken blijven liggen.
Aquarium en inrichting
Gebruik voor een kleine groep een ruim beplant aquarium vanaf ongeveer 60 centimeter en 54 liter; meer ruimte geeft meer graasoppervlak en mogelijkheden voor medebewoners. Dit is geen garantie dat iedere combinatie in dat volume past. Houd meerdere dieren en verdeel schuilplaatsen over de bak. Amanogarnalen klimmen goed: sluit openingen rond apparatuur af zonder ventilatie onmogelijk te maken. Een afgeschermde filterinlaat beschermt kleine dieren. Zorg dat groot hout en stenen stevig staan, ook wanneer je tijdens onderhoud planten losmaakt.
Waterwaarden
Een onderhoudstemperatuur van ongeveer 20–26 °C is een bruikbaar gematigd bereik. Extreem brede toleranties uit handelsprofielen zijn geen doel om dagelijks te benutten. Een licht zure tot licht alkalische omgeving met meetbare mineralen kan passen, mits de dieren geleidelijk aan de nieuwe omstandigheden wennen. Controleer pH, GH en KH in plaats van alleen de temperatuur. Voorkom snelle veranderingen en onderzoek terugkerende afwijkingen bij de waterbron. Zout toevoegen om kweek te stimuleren past niet bij de normale verzorging van volwassen dieren in een gezelschapsaquarium.
Gedrag en groepsgrootte
Amanogarnalen zijn vreedzame grazers, maar kunnen bij voer verrassend doortastend zijn. Een groot dier draagt een korrel soms naar een eigen plek. Verspreid daarom voer zodat andere garnalen en rustige bodembewoners niet worden overgeslagen. Enkele zichtbare dieren die actief zoeken betekenen niet dat ieder exemplaar voldoende krijgt. Kijk ook onder hout en tussen planten. Een dier dat na vervelling langer wegblijft, heeft vooral rust nodig; voortdurend opjagen om het te tellen werkt averechts.
Voeding
Zachte aangroei en organisch materiaal zijn belangrijk, maar niet ieder algentype wordt even goed gegeten. Geef passend volledig garnalenvoer wanneer de natuurlijke voedselvoorraad onvoldoende is en controleer de opname. Kleine porties laten zich beter aanpassen dan een grote dagelijkse hoeveelheid. Plantaardige aanvullingen kunnen afwisseling bieden, mits veilig en tijdig verwijderd. Gebruik verhongeren nooit als methode om een algenprobleem op te lossen. Aanpak van overmatige algen vraagt ook aandacht voor licht, voeding, onderhoud en plantengroei.
Kweek
Een vrouwtje kan veel kleine eieren dragen, waaruit vrij zwevende larven komen. Die larven hebben voor verdere ontwikkeling zout of brak water en zeer fijn passend voedsel nodig. De overgang en opgroei vragen een apart, zorgvuldig beheerd systeem. Er wordt hier geen universeel zoutgehalte of kweekrecept gegeven, omdat de fasen en methode van belang zijn. Laat volwassen dieren in hun passende zoetwateromgeving. Wie alleen eieren ziet verdwijnen, kan daaruit niet concluderen dat de verzorging van de volwassen dieren fout is.
Samenhouden met vissen
Met kleine vreedzame vissen kunnen volwassen Amanogarnalen vaak onder voorwaarden worden gehouden. Grote cichliden, gerichte jagers en vissen die aan antennes trekken zijn ongunstig. Kort na vervelling is ook een groot exemplaar minder beschermd. De larven zijn bovendien kwetsbaar voor vispredatie, al voorkomt een visloze zoetwaterbak op zichzelf het probleem van hun zoutwaterbehoefte niet. Houd bij iedere combinatie voldoende schuilplaatsen en apart bereikbaar voer beschikbaar. Kijk naar werkelijk gedrag, niet alleen naar de reputatie van de vis.
Samenhouden met andere ongewervelden
Met Neocaridina ontstaat geen automatische hybridekolonie, maar wel mogelijke concurrentie bij voer. Geef kleine garnalen fijnmazige schuilplaatsen waar grote Amano's minder domineren. Vreedzame slakken kunnen passen bij overlappende waterwaarden en voldoende aangroei. Waaierhandgarnalen vragen een ander voertransport: hun voedsel moet in de stroming terechtkomen. Dwergkreeften blijven een risico rond vervelling en bij nachtelijke ontmoetingen. Voeg een tweede garnalensoort dus niet alleen toe omdat beide als vreedzaam worden beschreven.
Pantser, schelp en mineralen
De oude huid wordt verlaten om het pantser te vernieuwen. Het nieuwe pantser is eerst zacht; beschutte spleten en dichte planten zijn dan waardevol. Een achtergelaten huid is doorgaans geen reden voor paniek. Mineralen uit water en passende voeding ondersteunen de normale opbouw, maar extra poeders of druppels zijn niet automatisch nodig. Bij herhaalde mislukte vervellingen controleer je eerst waterveranderingen, voeding en algemene omstandigheden. Trek nooit zelf aan een dier om de huid los te maken.
Mogelijke problemen
Controleer bij plotselinge uitval de temperatuur, zuurstofvoorziening en waterkwaliteit en leg recente toevoegingen vast. Een aquarium dat net is ingericht heeft vaak nog onvoldoende voedseloppervlak. Middelen voor vissen, slakkenbestrijding of algen zijn niet vanzelf veilig voor Amanogarnalen. Controleer de expliciete toepassing, vooral bij koperhoudende behandelingen. Een kleurverandering of korte rustperiode is geen diagnose. Raadpleeg bij aanhoudende problemen iemand met kennis van ongewervelden in plaats van meerdere middelen tegelijk toe te voegen.
Bronnen & controle
Deze verzorgingsgids is samengesteld op basis van meerdere gespecialiseerde bronnen en is voor het laatst gecontroleerd op .











