Naar inhoud
Leer je bewoners kennen. Begin bij hun behoeften.
aquariumwebshop
Verzorgingsgids · Zoetwaterkreeften

Cherax pulcher verzorgen

Cherax pulcher

Blauw-roze Hoa Creek-kreeft (Cherax pulcher)
Volwassen mannetje. Foto: Christian Lukhaup; uitsnede G S Palmer, CC BY 4.0. Foto: Christian Lukhaup; crop by G S Palmer · Bron · CC BY 4.0No additional crop or colour change; proportionally resized by existing media pipeline. The source figure includes its original “A” panel label and a visible support line.

Cherax pulcher is een blauw-roze zoetwaterkreeft die in 2015 wetenschappelijk is beschreven uit Hoa Creek in West-Papoea. De namen Blue Moon, Hoa Creek en Irian Jaya zijn handelsnamen die ook voor andere soorten worden gebruikt; kleur alleen bevestigt de identiteit niet. De oorspronkelijke studie beschrijft een heldere, plaatselijk snelstromende beek en meldt pH 6,6 op de vindplaats. Aquariumadviezen voor temperatuur en baklengte zijn beperkt en niet experimenteel getoetst. Deze gids maakt dat onderscheid zichtbaar en behandelt medebewoners als voorwaardelijk, niet als gegarandeerd veilig.

Aquarium samenstellen →

In één oogopslag

Temperatuur
20–25 °C
pH
6,5–7,5
Dieet
Alleseter
Volwassen formaat
Ongeveer 7,5–12 cm
Gedrag
Vreedzaam

Over deze soort

De geaccepteerde naam is Cherax pulcher Lukhaup, 2015. De oorspronkelijke beschrijving gebruikt Cherax (Astaconephrops) pulcher en onderscheidt deze soort morfologisch van onder meer C. boesemani.

Handelsnamen als Blue Moon, Hoa Creek en Irian Jaya zijn niet soortspecifiek. De oorspronkelijke auteur beschreef exemplaren uit de handel waarvan de herkomst onzeker was; later onderzoek beschreef ook andere soorten die onder dezelfde namen circuleren. Vraag dus naar wetenschappelijke identificatie en traceerbare herkomst; kleur alleen is onvoldoende.

Natuurlijke leefomgeving

De primaire soortbeschrijving kent de soort uit Hoa Creek en het bredere stroomgebied nabij Teminabuan in West-Papoea, Indonesië. Het water werd beschreven als helder, met pH 6,6 op de gemeten locatie. In nauwere en hoger gelegen beekdelen was de stroming sterk; de bodem bestond uit rots met zand, stenen en grotere keien. De auteur vroeg om meer veldonderzoek voordat de verspreiding als volledig bekend kon gelden.

Dit is een beperkte veldbeschrijving, geen compleet verspreidingsonderzoek en geen aquariumrecept. De oorspronkelijke publicatie vermeldt ook lokale verzamelaarswaarnemingen van afnemende aantallen bij vangst voor aquariumhandel en voedsel; dat is geen gekwantificeerde populatiemonitoring.

Aquarium en inrichting

Een aquariumvereniging noemt een aquariumlengte van meer dan 100 cm als persoonlijke voorkeur en zegt dat kortere aanbevelingen voor een paartje circuleren. Een getest minimumvolume ontbreekt. Daarom geven we geen exact literminimum: zorg vooral voor een lange bodem, stevige afzonderlijke grotten, zichtbarrières en extra ruimte per dier. Eén dier in een goed afgesloten soortaquarium is het eenvoudigst te beheren.

De natuurlijke beek heeft op sommige plaatsen sterke stroming, maar dat geldt niet noodzakelijk voor alle schuilzones. Maak daarom stromingsluwe plekken achter stenen en hout. Dek het aquarium volledig af; kreeften kunnen klimmen en ontsnappen. Bescherm filterinlaten.

Waterwaarden

De soortbeschrijving rapporteert pH 6,6 bij een natuurlijke vindplaats, maar geen reeks metingen of aquariumproef. Een aquariumvereniging adviseert 20–25 °C en pH 6,5–7,5. We tonen die waarden als praktische hobbyrichtlijn, niet als bewezen tolerantiegrens. De genoemde sterke stroming hoort bij bepaalde smalle beekdelen; regel het aquarium zo dat er zowel zuurstofrijke doorstroming als rustige schuilplaatsen zijn.

Stabiliteit en goede waterkwaliteit zijn belangrijker dan snelle aanpassingen. Houd ammoniak en nitriet onmeetbaar en zorg voor betrouwbare filtratie en zuurstof. Er is onvoldoende bewijs om precieze GH- of KH-grenzen te publiceren.

Gedrag en groepsgrootte

Een aquariumvereniging noemt C. pulcher vreedzaam en meldt samenhouden met vissen en garnalen, maar geeft geen gecontroleerde proef of aantallen. De primaire beschrijving onderzocht geen aquariumgedrag. Behandel zulke praktijkervaring dus als aanwijzing, niet als garantie. Geef elk dier een eigen grot en let op achtervolgen, beschadigingen of vermiste kleine dieren.

Rond vervelling is een kreeft kwetsbaar. Kleine vissen kunnen rustend risico lopen en vissen kunnen jonge kreeftjes eten. Een soortaquarium blijft de voorspelbaarste inrichting.

Voeding

Een soortspecifiek aquariumprofiel noemt bladeren, brandnetel, kleine slakken, erwten, diepvriesvoer en voerkorrels of -tabletten. Een regionale review beschrijft bij Cherax ook aas, detritus en predatie op soortgenoten. Dat ondersteunt een voorzichtige omnivore indeling, maar geen exact voedingsschema. Bied kleine porties geschikt zinkend ongewerveldenvoer en plantaardig materiaal aan, en haal resten weg.

De catalogus is alleen-lezen gecontroleerd. De enige kreeft-gerelateerde naamtreffer was een decoratieve LED-heremietkreeft, geen voer. Daarom wordt geen product gekoppeld.

Kweek

Een aquariumvereniging meldt dat vrouwtjes eieren dragen en noemt een draagtijd van ongeveer zes tot acht weken en tot drie legsels per jaar. Dit zijn hobbywaarnemingen, geen gecontroleerde of gegarandeerde soortspecifieke gemiddelden. Het aantal hangt af van dier, conditie en omstandigheden.

Voorzie het vrouwtje van een rustige schuilplek. Jonge kreeftjes hebben fijne dekking en toegang tot voedsel nodig; een aparte opgroeibak kan verliezen beperken. Er is geen betrouwbare overlevingsratio gevonden.

Samenhouden met vissen

De neontetra (Paracheirodon innesi) is voorwaardelijk gekoppeld. Een aquariumvereniging meldt dat C. pulcher met vissen kan leven, maar er is geen gecontroleerde proef met neontetra’s. Omdat neons klein zijn, blijven aanvallen op rustende vissen mogelijk; vissen kunnen op hun beurt jonge kreeftjes eten. Volg de combinatie actief en houd een soortaquarium als terugvaloptie beschikbaar.

Samenhouden met andere ongewervelden

De aquariumvereniging meldt ook garnalen als mogelijke medebewoners, maar dat bewijst niet dat iedere garnaal veilig is of jongen behouden blijven. Kleine dieren kunnen worden gegrepen. Houd ongewervelden alleen samen wanneer je verliezen kunt opvangen en voldoende afzonderlijke schuilplaatsen hebt.

De gelinkte Anubias is voorwaardelijk: een vastgezette plant kan structuur bieden, maar kreeften kunnen plantaardig materiaal eten. De exacte combinatie is niet getest.

Pantser, schelp en mineralen

Vlak voor en na de vervelling kan de kreeft zich terugtrekken; het nieuwe pantser is tijdelijk zacht. Laat haar dan met rust en zorg voor een afgesloten schuilplek. Laat de oude vervellingshuid liggen zolang de waterkwaliteit goed blijft. Een lege schaal is normaal en betekent niet dat het dier dood is.

Bij herhaalde problemen controleer je waterstabiliteit, zuurstof, voeding, metalen zoals koper en concurrentie om schuilplekken. Pas pH of temperatuur niet abrupt aan.

Mogelijke problemen

Let vooral op ontsnapping, gebrek aan schuilplaatsen, onzekere medebewoners en verwarring met andere soorten onder handelsnamen als Blue Moon. Koop waar mogelijk dieren met herkomstgegevens en laat identiteit niet uitsluitend op kleur bepalen. Controleer medicijnen en plantenbehandelingen op veiligheid voor kreeftachtigen; koper kan schadelijk zijn.

Een aquariumvereniging noemt vredige samenhouding, maar gecontroleerde compatibiliteitsproeven ontbreken. Bij verwondingen, achtervolging of vermiste dieren: scheid de dieren en controleer inrichting en waterkwaliteit.

Bronnen & controle

Deze verzorgingsgids is samengesteld op basis van meerdere gespecialiseerde bronnen en is voor het laatst gecontroleerd op .

Bekijk de gebruikte bronnen