Naar inhoud
Leer je bewoners kennen. Begin bij hun behoeften.
aquariumwebshop
Verzorgingsgids · Zoetwaterkreeften

Chapala-dwergkreeft verzorgen

Cambarellus chapalanus

Nog geen geverifieerde soortfoto beschikbaar

De Chapala-dwergkreeft (Cambarellus chapalanus) komt uit de regio rond het Mexicaanse Chapalameer. Met 4–5 cm is hij klein, maar LICG rekent hem tot de grotere en onderling agressievere dwergkreeften. Bodemruimte en afzonderlijke schuilplaatsen zijn daarom belangrijk. Bronnen verschillen over temperatuur en minimale bakmaat; deze gids gebruikt voorzichtige richtwaarden. Oudere bronnen vermelden een Near Threatened-status. Kies traceerbaar gekweekte dieren, vermijd onduidelijk wildvangmateriaal en zet nooit dieren of aquariumwater uit. De soort leeft op de bodem, heeft schuilplaatsen nodig tijdens de vervelling en kan kleine medebewoners opportunistisch grijpen.

Aquarium samenstellen →

In één oogopslag

Temperatuur
18–24 °C
pH
6,5–8,0
Dieet
Alleseter
Minimale aquariuminhoud
Vanaf 30 L
Volwassen formaat
Ongeveer 4–5 cm
Gedrag
Territoriaal

Over deze soort

Cambarellus chapalanus (Faxon, 1898) is volgens ITIS een geldige soort; WoRMS gebruikt ook Cambarellus (Cambarellus) chapalanus. Verwissel hem niet met CPO of andere dwergkreeften.

Oudere IUCN-gerelateerde bronnen vermelden Near Threatened; de precieze actuele beoordelingsdatum is hier niet rechtstreeks bevestigd. De soort hoort bij de regio van het Chapalameer. Vraag om kweekherkomst en verzamel of verplaats geen dieren naar natuurlijke wateren.

Natuurlijke leefomgeving

Deze soort is inheems in de regio rond het Chapalameer in Jalisco, Mexico. Een peer-reviewed studie onderzocht ook seizoenspoelen bij San Juan Cosalá; temperatuur en watervolume beïnvloedden populatiekenmerken. Dit veldonderzoek is geen aquariumrecept, maar onderstreept de beperkte wilde verspreiding. Voorkom ontsnapping en kruisbesmetting tussen wateren.

Aquarium en inrichting

LICG noemt 30 liter als betere ondergrens voor grotere of agressievere Cambarellus-soorten waaronder C. chapalanus. Andere profielen noemen 15–25 liter; wij kiezen 30 liter als voorzichtige richtwaarde voor een soortbak. Voor groepen of een gezelschapsbak is meer bodemruimte nodig. Gebruik fijn substraat, hout, stenen, blad en meerdere gescheiden schuilplaatsen. Scherm de filterinlaat af en sluit de bak goed af.

Waterwaarden

Bronnen noemen vaak 18–26 °C; LICG geeft voor de meeste dwergkreeften 19–24 °C als praktijkzone. Daarom tonen we 18–24 °C als voorzichtige aquariumoriëntatie, niet als fysiologische grens. pH-bronnen overlappen rond 6,5–8. Hardheidswaarden verschillen te veel voor een exact GH/KH-doel. Houd het water stabiel, mineraalhoudend en vrij van meetbaar ammoniak en nitriet.

Gedrag en groepsgrootte

LICG rekent deze soort tot de grotere en onderling agressievere dwergkreeften. Territoriumgedrag en gevechten zijn mogelijk, ook al noemt een verkoper de soort rustig. Geef dieren ruimte, zichtbarrières en meerdere schuilplaatsen. Garnalen, jonge slakken en zwakke of laag rustende vissen kunnen worden gegrepen. Een combinatie met kleine middenzwemmers blijft voorwaardelijk, niet gegarandeerd.

Voeding

De Chapala-dwergkreeft is een omnivoor die langs de bodem zoekt. Bronnen noemen zinkend kreeftenvoer, granulaat, algen, bladafval en kleine zachte slakken. Bied kleine porties en verwijder resten. Kleine slakken of garnalen kunnen prooi worden.

Geen bestaand catalogusproduct is individueel op samenstelling en gebruik voor deze soort gecontroleerd; daarom koppelen we geen merkvoer.

Kweek

Vrouwtjes dragen eieren onder het achterlijf. Een soortprofiel meldt dat volwassen dieren jongen kunnen eten zodra die zelfstandig worden. Bronnen verschillen over draagtijd en aantallen; deze gids geeft daarom geen vaste broedkalender. Gebruik een ingerichte opgroeibak en houd dieren en water uit de natuur.

Samenhouden met vissen

Kleine vreedzame vissen uit de middenzone zijn hooguit een voorwaardelijke combinatie. Dit is geen proef met neontetra’s. Een kreeft kan een zwakke of laag rustende vis grijpen; vissen kunnen jonge kreeftjes eten. Zorg voor een passende tetra-groep, gescheiden schuilplaatsen en dagelijkse observatie. Scheid bij stress of verwondingen.

Samenhouden met andere ongewervelden

Garnalen en jonge slakken lopen risico; met andere Cambarellus-soorten kan kruising voorkomen. Een soortbak is het meest voorspelbaar. Anubias barteri var. nana kan als vastgezette structuur dienen, maar dit bewijst geen volledige plantveiligheid. Spoel nieuwe planten en voorkom bestrijdingsmiddelresten.

Pantser, schelp en mineralen

Voor de vervelling kan de kreeft schuilen. Na het afwerpen van het pantser is hij zacht en kwetsbaar. Laat het oude pantser liggen, verstoor hem niet en bied meerdere schuilplaatsen en schoon, zuurstofrijk water. Een lege schaal alleen betekent niet dat het dier dood is.

Mogelijke problemen

Voorkom ontsnapping, koperhoudende middelen, niet-ingedraaid water en voerresten. Noord-Amerikaanse kreeften kunnen kreeftenpest meedragen; die ziekte is gevaarlijk voor gevoelige Europese kreeften. Houd dieren, aquariumwater en materiaal uit de natuur. Kies traceerbaar gekweekte dieren gezien de beperkte wilde verspreiding en gerapporteerde Near Threatened-status.

Bronnen & controle

Deze verzorgingsgids is samengesteld op basis van meerdere gespecialiseerde bronnen en is voor het laatst gecontroleerd op .

Bekijk de gebruikte bronnen