Naar inhoud
Leer je bewoners kennen. Begin bij hun behoeften.
aquariumwebshop
Verzorgingsgids · Zoetwater · vissen

Wittevlek-aardeter verzorgen

Satanoperca leucosticta

Wittevlek-aardeter (Satanoperca leucosticta)
Foto: Dr. David Midgley, CC BY-SA 2.5; verkleind en gecomprimeerd. Foto: Dr. David Midgley · Bron · CC BY-SA 2.5Verkleind en gecomprimeerd; geen uitsnede of kleurwijziging.

De wittevlek-aardeter, Satanoperca leucosticta, is een forse, sociale cichlide uit het Guianaschild. Hij zeeft zand op zoek naar kleine ongewervelden en organisch voedsel. Daarvoor heeft hij een zachte, fijne zandbodem en veel vrije bodemruimte nodig. De soort is geen vis voor een klein gezelschapsaquarium: een specialistische gids adviseert een bodemmaat van ten minste 180 bij 60 centimeter en een volwassen aquarium. De bronnen verschillen over de temperatuur en zuurgraad. Daarom tonen we alleen de voorzichtige overlap van de opgegeven waarden en geen schijnprecisie over hardheid. Controleer bij aankoop ook de soortidentiteit: handelsnamen als jurupari worden niet altijd consequent gebruikt. Op deze pagina staan de controleerbare kenmerken en de praktische gevolgen daarvan.

Aquarium samenstellen →

In één oogopslag

Temperatuur
27–28 °C
pH
6,0–7,0
GH
2–12 °dGH
Aquariumlengte
Vanaf 180 cm
Minimale aquariuminhoud
Vanaf 648 L
Volwassen formaat
Tot 15 cm
Groepsgrootte
Vanaf 5 dieren
Gedrag
Vreedzaam, Territoriaal

Over deze soort

Satanoperca leucosticta werd beschreven door Müller en Troschel in 1849. De soort stond eerder bekend als Geophagus leucostictus; Satanoperca macrolepis geldt als synoniem. De opvallende witte stippen of wormvormige lichte tekening op de zijkant van de kop helpen bij herkenning. Verwarring met S. jurupari komt voor, waardoor een winkelnaam alleen geen zekere determinatie is. De lichaamsmaat van maximaal circa 15 cm in de gebruikte specialistische bron is standaardlengte, dus zonder staartvin.

Natuurlijke leefomgeving

De soort komt voor in het Guianaschild: oostelijk Venezuela, Guyana, noordwestelijk Suriname en noordelijk Brazilië. Zeker bekende stroomgebieden zijn onder meer de Essequibo, Demerara, Nickerie en Branco. De vis leeft in hoofdrivieren, kleinere zijrivieren en overstromingsmeren. Daar liggen zand of modder, bladafval en ondergedompelde takken vaak naast elkaar. Deze habitat past bij het zandzeefgedrag, maar is geen reden om grof grind in het aquarium te gebruiken.

Aquarium en inrichting

Houd rekening met een aquariumvoet van minimaal 180 × 60 cm, ongeveer 648 liter. Die maat is bedoeld voor een grote, sociale vis en de bodemruimte is belangrijker dan alleen het aantal liters; een hoog, kort aquarium is geen gelijkwaardig alternatief. Gebruik zachte, fijne zandbodem waarop de vis veilig kan foerageren. Grof grind en kleine kiezels kunnen het eten hinderen, kieuwfilamenten beschadigen of worden ingeslikt. Richt het aquarium rustig in met stevig geplaatst hout en wortels. Gebruik sterke biologische filtering en mechanische filtering die fijne zwevende deeltjes opvangt. De soort is gevoelig voor verslechterende waterkwaliteit en schommelingen: plaats hem uitsluitend in een rijp aquarium. Vermijd sterke stroming en plan wekelijks grote waterwissels van circa 50–70%, zoals de specialistische bron aanbeveelt.

Waterwaarden

De specialistische bron noemt 20–28 °C, pH 5,5–7,5 en 2–12 °dGH. Een andere soortgerichte bron beschrijft warmer natuurlijk water, ongeveer 27–30 °C en pH 6–7. Omdat die temperatuuradviezen uiteenlopen, gebruiken we hier alleen de overlap van 27–28 °C en pH 6–7 als voorzichtige richtlijn. We geven geen hardheidsdoel: de bronnen leveren daarvoor geen voldoende eenduidig advies. Houd water schoon en stabiel, meet regelmatig en voorkom abrupte veranderingen bij onderhoud of acclimatisatie. De genoemde hardheid van 2–12 °dGH volgt uitsluitend het specialistische aquariumprofiel; een andere soortgerichte bron geeft daarvoor geen vergelijkbaar doel.

Gedrag en groepsgrootte

Buiten de voortplanting is de soort doorgaans vreedzaam, maar dat maakt hem niet automatisch geschikt voor een doorsnee gezelschapsbak. Hij is sociaal en wordt als groep gehouden; tegelijk vraagt zijn formaat een zeer ruim aquarium en kunnen broedparen een gebied verdedigen. De specialistische bron waarschuwt om medebewoners zorgvuldig te kiezen. Er zijn hier geen concrete vissoorten gekoppeld: vergelijkbare waterwaarden alleen bewijzen geen veilige combinatie. Vermijd kleine dieren die als prooi kunnen eindigen en vissen die de bodemruimte agressief opeisen.

Voeding

Satanoperca leucosticta neemt happen zand en zeeft er eetbare deeltjes uit. In het wild gaat het om kleine water- en landongewervelden, insectenlarven, zaden en organisch afval. Bied fijn, zinkend compleet voer aan en wissel dat af met kleine porties diepvries- of levendvoer, bijvoorbeeld rode muggenlarven, watervlooien en Artemia. Grof voedsel wordt volgens de specialistische bron minder graag opgenomen. Geef gevarieerd en voorkom dat voerresten de waterkwaliteit belasten. Er is geen exact passend product met een goedgekeurd actueel aanbod bevestigd; daarom tonen we geen productkoppeling.

Kweek

De soort is een larvofiele muilbroeder: na het afzetten neemt de moeder de larven in de bek wanneer zij vrijzwemmen. Kweek in aquaria is beschreven. De geslachten zijn buiten de voortplanting lastig betrouwbaar uit elkaar te houden. Wie een koppel wil vormen kan een groep jonge vissen laten uitgroeien, maar daarvoor is een passend groot aquarium nodig. Geef een broedend paar rust en zorg dat andere vissen het verdedigde gebied kunnen mijden. We noemen geen vaste legselgrootte of exacte timing omdat de beschikbare informatie daarvoor geen betrouwbare algemene waarde geeft.

Bronnen & controle

Deze verzorgingsgids is samengesteld op basis van meerdere gespecialiseerde bronnen en is voor het laatst gecontroleerd op .

Bekijk de gebruikte bronnen