Naar inhoud
Leer je bewoners kennen. Begin bij hun behoeften.
aquariumwebshop
Verzorgingsgids · Zoetwater · vissen

Delicaat blauwoogje

Pseudomugil tenellus

Nog geen geverifieerde soortfoto beschikbaar

Het delicate blauwoogje (Pseudomugil tenellus) is een kleine, actieve blauwoog uit noordelijk Australië en nabijgelegen gebieden. De soort leeft in warme, vaak dicht begroeide billabongs, moerassen en rustige beken. De Engelse naam “Arnhem Land blue-eye” verwijst naar het bekende verspreidingsgebied, maar verwante blauwoogjes lijken sterk op elkaar; koop daarom dieren met een betrouwbare soortnaam en herkomst. Volwassen mannetjes tonen langere, opvallend getekende vinnen. Dit is een vreedzame scholenvis, maar door zijn kleine formaat en fijne voerbehoefte niet geschikt bij grote of opdringerige medebewoners. Een volwassen, zuurstofrijk aquarium, stabiel warm water en een groep van minstens acht vormen de basis.

Aquarium samenstellen →

In één oogopslag

Temperatuur
25–32 °C
pH
5,5–7,5
GH
5–20 °dGH
Aquariumlengte
Vanaf 75 cm
Minimale aquariuminhoud
Vanaf 68 L
Volwassen formaat
Tot 5,5 cm
Groepsgrootte
Vanaf 8 dieren
Gedrag
Vreedzaam

Over deze soort

Pseudomugil tenellus Taylor, 1964 is volgens Eschmeyer’s Catalog of Fishes een geldige soort uit de familie Pseudomugilidae. De typevindplaats is een grote billabong bij Oenpelli in Arnhem Land. De soort is klein en slank; de mannetjes hebben doorgaans langere, meer gekleurde en getekende ongepaarde vinnen dan vrouwtjes. De lichte vlekjes op de zijlijn worden duidelijker naarmate de vis ouder wordt. Verwar hem niet met Pseudomugil gertrudae of P. signifer: handelsnamen als “delicaat” en “blauw oog” worden niet altijd consequent gebruikt. FishBase en Seriously Fish noemen circa 5,5 cm standaardlengte; de staartvin is daarin niet meegerekend.

Natuurlijke leefomgeving

De soort is bekend uit noordelijk Australië, waaronder het stroomgebied van de East Alligator River en gescheiden vindplaatsen in Queensland, en uit aangrenzende delen van Nieuw-Guinea en de Aru-eilanden. Ze wordt gevonden in begroeide moerassen, billabongs, overstromingsvlakten en langzaam stromende beken. De omstandigheden variëren sterk met plaats en seizoen. Brakke wateren worden eveneens genoemd, maar voor normale aquariumverzorging is zout niet nodig: de soort kan in zoet water worden gehouden. Gebruik veldmetingen niet als universele aquariuminstellingen; kies een stabiele, goed beluchte zoetwaterbak.

Aquarium en inrichting

Seriously Fish adviseert een bodemmaat van ten minste 75 × 30 cm, ongeveer 68 liter bruto, als uitgangspunt. Die lengte geeft een school ruimte om te zwemmen en mannetjes plek voor balts. Houd minstens acht dieren samen en bied bij voorkeur meer ruimte in plaats van een klein nano-aquarium. Beplant vooral de achter- en zijranden, voeg drijfplanten en wortelhout toe, maar laat open zwemruimte aan het oppervlak. Een rustige tot matige stroming met goede zuurstofvoorziening past bij het leefgebied. De vis is gevoelig voor wisselende waterchemie: plaats hem uitsluitend in een biologisch ingedraaid aquarium en voer regelmatig onderhoud uit. Een passend deksel beperkt ontsnappen.

Waterwaarden

Voor routineverzorging noemt Seriously Fish 25–32 °C, pH 5,5–7,5 en GH 5–20 °dGH. De soortbron citeert ook hogere lokale veldmetingen; die zijn geen aanbeveling om het aquarium langdurig op zulke uitersten te houden. Houd de gekozen waarden stabiel en laat nieuwe dieren rustig wennen. Een specifieke KH-doelwaarde is niet voldoende onderbouwd. Hoewel de soort een brede zouttolerantie heeft, hoef je geen zeezout toe te voegen aan een gewone zoetwaterbak. Vermijd snelle temperatuur- en pH-wisselingen en zorg voor een goed gerijpt filter.

Gedrag en groepsgrootte

Het delicate blauwoogje zwemt in een groep, vooral in de bovenste waterlaag, en neemt kleine voedseldeeltjes van het oppervlak. Het is in het algemeen vreedzaam. Mannetjes spreiden tijdens balts hun langere vinnen; houd daarom niet één vis of alleen een koppel, maar een groep waarin het gedrag normaal verdeeld kan worden. Grote roofvissen, vinnetjesbijters en snelle eters kunnen stress of voedselconcurrentie veroorzaken. Beoordeel medebewoners op volwassen formaat, gedrag, zwemzone en voerwijze, niet alleen op vergelijkbare pH of temperatuur. Een soortaquarium met passende beplanting is een veilige keuze wanneer geschikte kleine medebewoners ontbreken.

Voeding

In de natuur eet de soort drijvend of zwevend zoöplankton, fytoplankton, algen en kleine ongewervelden; de samenstelling wisselt met het seizoen. Geef in het aquarium kleine drijvende complete vlokken of microvoer, fijn genoeg voor de bek. Vul dit aan met kleine levende of diepvriesprooien zoals watervlooien, pekelkreeftjes nauplii of ander passend microvoer. Bied meerdere kleine porties aan en controleer of ook de kleinere en ondergeschikte vissen het voer doorslikken. Een voer dat voor “tropische vissen” wordt verkocht is niet automatisch klein genoeg. Verwijder resten om de waterkwaliteit te behouden.

Kweek

De soort strooit kleverige eitjes tussen fijne planten of op een kweekmop en verzorgt de nakomelingen niet. Volwassen dieren kunnen eitjes en larven opeten. Gebruik voor een gerichte kweek fijnbladig mos of een mop, controleer deze geregeld en verplaats eitjes desgewenst naar een schoon, licht belucht opkweekbakje. In het aquarium kan de vis gedurende het jaar paaien; Seriously Fish noemt 24–28 °C als paaiconditie. Dat is geen reden om de normale verzorging structureel warmer in te stellen dan de aanbevolen bandbreedte. Geef pas uitgekomen jongen voedsel dat klein genoeg is en houd het water bijzonder stabiel.

Bronnen & controle

Deze verzorgingsgids is samengesteld op basis van meerdere gespecialiseerde bronnen en is voor het laatst gecontroleerd op .

Bekijk de gebruikte bronnen