Geeloogdoktersvis
Ctenochaetus strigosus
Gele oogring en fijne zijstrepen; graast op oppervlakken. Een actieve doktersvis die veel zwemruimte en zuurstof nodig heeft. De scherpe stekels bij de staart vragen voorzichtigheid bij onderhoud.

In één oogopslag
- Wetenschappelijke naam
- Ctenochaetus strigosus
- Nederlandse naam
- Geeloogdoktersvis
- Watertemperatuur
- 24–26 °C
- pH
- 8,1–8,3
- Volwassen lengte, tot circa
- 15 cm SL
- Ervaring
- Enige ervaring
- Carbonaathardheid (KH)
- 8–12 °dKH
- Relatieve dichtheid (SG)
- 1,024–1,025
- Volume als vertrekpunt
- 400 L
- Zwem- of leefzone
- Meerdere waterlagen
- Stroming
- Goed doorstroomd en zuurstofrijk
- Bij koralen
- Meestal mogelijk; controleer medebewoners
Dit is een gedocumenteerde volwassen maat, geen gemeten gemiddelde. SL betekent lichaamslengte zonder staartvin. Geslacht, herkomst en kweekvorm kunnen verschil maken.
Richtwaarden voor verzorging; herkomst en nakweek kunnen andere eisen geven. Sommige bereiken zijn bewust smaller dan natuurlijke uitersten in de bron. Verander waterwaarden geleidelijk en houd ammoniak en nitriet op nul.
De algemene zeewaterrichtwaarden zijn mede gebaseerd op verzorgingsinformatie voor de diergroep. Controleer ook de eisen van aanwezige koralen. SG is geen zoutgehalte in ppt; volg de temperatuurkalibratie van je meetapparaat.
De bakmaten zijn redactionele vertrekpunten voor volwassen dieren, geen garantie voor een complete bezetting. Groepsgrootte, bakhoogte, zwemlengte en territoria kunnen een grotere bak nodig maken.
Herkomst
Hawaï
Biotoop & inrichting
Tropisch rif met rotsen, spleten en open water.
Voeding
Voldoende begroeide rotsen en gericht aanvullend voer, waaronder zeewier en passend compleet zeewatervoer.
Gedrag & groepsgrootte
Bij voorkeur één exemplaar per territorium; paren alleen als aantoonbaar passend.
Samen met andere dieren
Passende rifvissen in een groot aquarium. Soortgenoten en vergelijkbaar gevormde vissen kunnen worden bevochten; neem volwassen afmetingen als uitgangspunt.
Mogelijke combinaties om verder te onderzoeken
- Driebandanemoonvis
24–26 °C · pH 8,1–8,3
Voortplanting
Nakweek vraagt soortspecifieke expertise; ga niet uit van succesvolle voortplanting in een gezelschapsaquarium.
Een deksel of passende afdekking helpt ontsnappen en springen voorkomen. Bescherm aanzuigopeningen voor kleine dieren. Gebruik bij ongewervelden geen koperhoudende vismedicatie.
Bronnen & beeldrechten
Gegevens samengesteld op: 2026-09-27. Soortbronnen ondersteunen de identificatie en verzorging; groepsbronnen geven algemene uitgangspunten. De praktische aanbevelingen zijn een redactionele synthese.
Foto: Butterfly_Pavilion_8-23_(20915221696)_(cropped).jpg — KimonBerlin. CC BY-SA 2.0.